Gebruikelijk loon bij  meerdere B.V. ’s

15 mei 2019

Onlangs heeft Rechtbank Noord-Holland een arrest gewezen over het gebruikelijk loon wanneer er aandelen in meerdere B.V. ’s worden gehouden. Onlangs heeft Rechtbank Noord-Holland een arrest gewezen over het gebruikelijk loon wanneer er aandelen in meerdere

B.V. ’s worden gehouden. 

Gebruikelijk loon bij  meerdere B.V. ’s

Eerst even de theorie. 

Als directeur grootaandeelhouder (DGA) ben je verplicht om een gebruikelijk loon op te nemen uit de B.V. Het gebruikelijk loon is het minimumloon dat je moet opnemen uit de B.V. 
 
De hoogte van dit gebruikelijke loon wordt voor het jaar 2019 bepaald op het hoogste bedrag van:
 
- 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking, of
- Het loon van de best betaalde werknemer van de B.V., of
- € 45.000
 
In afwijking van het bovenstaande mag uitgegaan worden van een lager loon, als het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking lager is dan € 45.000. Dit lagere loon zal wel aannemelijk gemaakt moeten worden. Met name als sprake is van weinig activiteiten in de B.V., bijvoorbeeld een beleggings-B.V. waar geen ondernemingsactiviteiten meer in zitten, kan een lager loon worden afgesproken.
 
Hoe zit het met de bewijslast?
Wanneer aan de DGA een loon van € 45.000 wordt toegekend zal de inspecteur aan moeten tonen dat dit loon te laag is vastgesteld. Ga je uit van een lager loon dan € 45.000 dan heb je als belastingplichtige de bewijslast om aan te tonen dat een lager loon in aanmerking mag worden genomen. Wanneer niet kan worden aangetoond dat een lager loon in aanmerking genomen mag worden, hoeft de inspecteur enkel aan te tonen dat er werkzaamheden worden verricht voor de betreffende B.V. ’s. Wanneer er werkzaamheden worden verricht, mag de inspecteur van het gebruikelijk loon van € 45.000 uitgaan. 
 
De uitspraak van de rechtbank
In de uitspraak van rechtbank Noord-Holland had de betreffende DGA een aanmerkelijk belang in zes B.V. ’s. Voor alle B.V. ’s werden door de DGA werkzaamheden verricht. De belastingdienst stelde zicht op het standpunt dat de DGA zes keer het gebruikelijke loon van € 45.000 moest opnemen. Dit standpunt werd door de rechtbank gevolgd. 
 
De DGA voerde in deze procedure argumenten aan waarom de gebruikelijk loon regeling in zijn geval niet van toepassing c.q. lager zou moeten zijn. Wegens ziekte zou hij niet in staat zijn geweest om te werken en het loon zou te hoog zijn in relatie tot de genoten opleiding. Ook was er geen arbeidsovereenkomst en zou de hoogte van de omzet te laag zijn om een gebruikelijk loon te kunnen bekostigen. Deze argumenten waren voor de rechter, op basis van de feiten en omstandigheden, onvoldoende om van een lager loon uit te mogen gaan. De navordering bleef in stand. Het gebruikelijk loon uit één van de B.V. ’s was ook niet bedoeld als vergoeding van werkzaamheden van één of meer van de andere B.V. ’s, aldus de rechter. Als het loon van de ene B.V. ook bedoeld was voor de werkzaamheden van de andere B.V. dan had hier wel rekening mee moeten worden gehouden (blijkens een eerdere uitspraak van de Hoge Raad).
 
Wat is de oplossing
Wanneer je als DGA voor meerdere B.V. ’s werkzaam bent,  mag je het salaris op grond van de zogenaamde doorbetaald loonregeling uit laten betalen door één van de B.V. ’s, meestal de holdingmaatschappij die de aandelen in de verschillende werkmaatschappijen houdt. De holdingmaatschappij sluit op haar beurt managementovereenkomsten met de werkmaatschappijen voor de werkzaamheden die door de DGA worden uitgevoerd. Op deze manier voorkom je dat alle B.V. ’s waarvoor je werkzaamheden verricht een gebruikelijk loon uit moeten betalen. 
 
Wanneer er zakelijke managementovereenkomsten en arbeidsovereenkomsten zouden zijn gesloten tussen de betrokken vennootschappen hadden de problemen uit deze procedure vermoedelijk voorkomen kunnen worden. 
 
Wanneer u meer informatie wenst over deze blog, of andere vragen heeft, kunt u uiteraard altijd contact met ons opnemen.

Naar het blog