Prinsjesdag 2017

20 september 2017

Prinsjesdag 2017

Prinsjesdag was saai. Fiscaal weinig nieuws.

De derde dinsdag van september. Een dag van hoedjes, folklore en een dag met een kijkje in de toekomst. Omdat een groot deel van de tijd in Den Haag op gaat aan formatiegesprekken en het zittende kabinet haar schaduw niet vooruit wil werpen, zijn we, zoals verwacht, geconfronteerd met een belastingplan voor het jaar 2018 met weinig ambitie en weinig vernieuwingen. Grote onderwerpen zoals wellicht een vlaktax (zou die er ooit komen?) en aanpassingen van de renteaftrek op de eigen woning werden angstvallig vermeden. Wat hole frasen bleven over die dan ook weinig vernieuwend zijn of al eerder waren aangekondigd.

Belangrijkste wijziging voor het komende jaar raakt de agrarische sector. Binnen de omzetbelastingwetgeving wordt de landbouwregeling afgeschaft. Landbouwers moeten BTW gaan afdragen over hun prestatie en de BTW die zij in rekening krijgen gebracht mogen zij aftrekken. Net zo zeer als dat de BTW op investeringen vanaf 1 januari 2018 “gewoon” zal worden teruggegeven. Er is een overgangsregeling voor investeringen die in 2017 en eerder zijn gedaan.

Er is een verduidelijking van de gevolgen van het aanpassen van huwelijkse voorwaarden als het gaat om de schenkbelasting. De tekst van de voorgestelde wetswijziging is niet geheel duidelijk. Wellicht worden ook andere wijzigingen van huwelijkse voorwaarden (scheiding?) getroffen door schenkbelasting. Hoewel de tekst nog vers is, worden nu al de vragen voorbereid om duidelijk te krijgen wat precies bedoeld is met de voorgestelde wettekst.

Zwartspaarders hoeven met ingang van het komende jaar niet meer te rekenen op clementie van de overheid. De boete over bijvoorbeeld niet opgegeven bankrekeningen uit Zwitserland zal niet meer gematigd worden, althans dat wordt de primaire benadering met ingang van 2018.

Verder zijn er nog wat kleine wijzigingen ten aanzien van schijven en heffingskortingen. Wijzigingen waar mijn hart niet sneller van gaat kloppen. Helaas.

Voor alle genoemde maatregelen geldt dat het nog maar plannen zijn. Het is aan de tweede en eerste kamer om in te stemmen met deze voorgestelde wijzigingen. Dit zal pas gebeuren nadat de vragen die gesteld gaan worden over de voorgenomen wijzigingen beantwoord zijn.

Hoewel geen onderdeel van het belastingplan 2018 toch een opmerking over de heffing van vennootschapsbelasting voor het komende jaar. De eerste schrijf voor deze winstbelasting zal met ingang van 1 januari aanstaande worden verlengd. Nu zijn de eerste € 200.000 belast met twintig procent.  Deze schijf zal worden opgerekt naar € 250.000. Voor zover mogelijk: stel winsten uit en neem kosten in 2017 als de winsten van uw BV in 2017 belast zouden worden tegen het hoogste tarief van vijfentwintig procent.

Hoewel dat geen onderdeel behoort uit te maken van een belastingplan, had ik het fijn gevonden als eindelijk eens duidelijkheid zou zijn verschaft op vragen die er nog steeds leven op het vlak van de uitfasering van het pensioen in de eigen BV. Nu de rookwolkjes, meer is het niet, van Prinsjesdag zijn opgetrokken, wordt het eens tijd dat antwoorden worden gegeven op vragen die voor veel directeur-aandeelhouders relevant zijn in hun keuze wat te doen met het pensioen. Vol verwachting klopt mijn hart. Het zal toch wel gebeuren voor 5 december?


Naar het blog